26 mei 2005
Gegroet, geliefde Scheppers! Wij zijn weer terug met meer over jullie
geschiedenis. Er zijn twee tijdsperioden die vele van jullie lange
tijd hebben gefascineerd, en dat is Egypte en de tijd van Jezus Christus.
We zullen nu een korte tijd besteden aan deze twee sages, zonder
het Zuid- en Noord-Amerikaanse verhaal te vergeten, dat we een andere
keer zullen vertellen.
De zogenaamde strijd tussen licht en duisternis duurde voort na de
vernietiging van Atlantis. Jullie wereld leek op en neer te gaan
tussen perioden van korte verlichting, gevolgd door tijden van corruptie
en relatieve duisternis. Egypte was een dergelijk geval.
Een groep Pleiadiërs van de zevende dichtheid, die vastbesloten
waren om de blauwdruk van de mensheid, die was gewijzigd door Orionische,
Draconische, Sirische, Andromedaanse en andere afvallige groepen,
te herstellen, trokken voordeel uit het feit dat de weinige overlevenden
van Atlantis relatief zuiver waren in hart en geest. Diegenen die
langs de Nijl landden waren de eersten die door het Pleiadisch welkomstcomité werden
bezocht. Deze afvaardiging werd geleid door een leraar die later “Thoth” werd
genoemd, die, in tegenstelling tot oude geschriften,
niet het hoofd van een vogel of reptiel had. Het wezen
dat zo wordt afgebeeld was een Draconisch-Andromedaanse hybride die
veel later kwam en de leringen van Thoth vervalste.
Thoth was een
stralend wezen van blauwwit licht, een hominoïde
met bijna dezelfde kleur en energie als wijzelf in de
hogere domeinen. Hij was in staat om zijn trillingsniveau
ver genoeg te verlagen om direct met de afstammelingen van Atlantis
te communiceren en om hen de principes van waarheid,
samenwerking, harmonie en hogere wiskunde bij te brengen.
Zoals veel gechannelde
berichten bevestigen was Thoth de ontwerper achter de Grote Piramide.
Dit bouwwerk diende verschillende doelen, maar zijn belangrijkste
functie was een inwijdingskamer en regulator van het Aardse rastersysteem.
Zoals correct opgemerkt door jullie “Egyptologen” stond
hij op één lijn met Mintaka, de centrale ster in de
gordel van Orion. Mintaka werd het centrum voor de Orionische verlichte
regering die volgde op de resolutie van de oorlogen tussen Rigel
en Betelgeuze zo’n 100.000 jaar geleden. Mintaka had ook een
geografische en geologische betekenis in dat hij een centraal punt
aangaf op de as van de precessiebeweging van de Aarde, die ongeveer
elke 25.920 jaar terugkeerde. Het rastersysteem van de Aarde was
verbonden met het punt in Gizeh dat het middelpunt was van het raster,
en van leylijnen en spiralen die uit verschillende heilige geometrische
hoeken daar vandaan kwamen. De Martianen hadden in hun hoogtijdagen
een vergelijkbaar rastersysteem geconstrueerd op dezelfde lengte-
en breedtegraad op hun planeet, eveneens ontworpen door Pleiadiërs
van de zevende dichtheid, maar helaas bereikte die nooit z’n
potentieel als Transformatieportaal door de tussenkomst
van Orionische en Draconische groeperingen.
Een ander strategisch
doel van de Grote Piramide was om te dienen als een inkomend Portaal
voor groepen Pleiadiërs
opdat de zuiverheid en visie van de oorspronkelijke
blauwdruk een kans zou hebben om op Aarde te worden hersteld.
Thoth en zijn
groep hadden redelijk succes met het werken met Atlantiërs
om langs de Nijl tempels te bouwen voor inwijding en zielevolutie.
Van de enkele duizenden Atlantiërs die van dit gebied hun thuis
maakten, nam een aanzienlijk percentage deel aan de activiteiten
voor inwijding en transformatie in de Grote Piramide. De Pleiadiërs
van de zevende dichtheid construeerden het bouwwerk in enkele dagen
met behulp van levitatie en lasertechnologie. Er werden een aantal
doorgangen ontworpen om tegemoet te komen aan diegenen die langere
perioden in het gebouw nodig hadden om hun inwijdingsschema’s
te versnellen als voorbereiding op het transformeren
naar lichtlichamen van de vijfde dichtheid.
De onderaardse
kamers onder het Gizehplateau werden al bewoond door diegenen
die onder de grond vluchtten tijdens eerdere grote branden. De
Pleiadiërs bouwden in samenwerking met deze onderaardse groepen
de Hal der Verslagen honderden meters onder de Piramide. De Sfinx
werd later door een andere groep Egyptenaren opgericht om de ingang
naar het Portaal aan te geven. De piramide werd omstreeks 10.500
B.C. voltooid. Pas in de afgelopen twintig jaar hebben wetenschappers
in jullie wereld de Grote Piramide correct gedateerd. Tot voor kort
werd aangenomen dat dit gebouw in verband stond met andere piramiden
die waren gebouwd (door het handwerk van de Egyptenaren) om te dienen
als graftombes voor de Farao’s. Dit medium gaat (in zijn boek)
gedetailleerd in op de armzalige pogingen van latere Egyptenaren
om de inwijdingskamers te reconstrueren nadat Egypte in handen was
gevallen van de Siriërs. We hebben daar later meer over.
Verslagen van adepten van de oorspronkelijke mysteriescholen van
Thoth kunnen sporadisch worden gevonden op verschillende kleitabletten
en in gechannelde teksten, waaronder de Emeraldtabletten. Zij berichten
hoofdzakelijk over de inwijdingen die werden gegeven om de zielen
van de vierde dichtheid voor te bereiden op hun transformatie naar
de vijfde dichtheid.
Het oude Egypte
bloeide tot ongeveer 7.500 B.C., toen Siriërs
van de zevende dichtheid van de ster Sirius B ten tonele verschenen
en het werk van Thoth en zijn groep langzaam ongedaan maakten. De
Christelijke, Joodse en Griekse legenden en mythen gaan allemaal
over de Siriërs.
Ofschoon deze
buitenaardse groepen een groot technologisch en psychisch vermogen
hadden, hadden zij hun ego’s nog niet voldoende verfijnd
met als gevolg dat zij besmet raakten met aanbidding en gebed door
hun ondergeschikten. Zij waren met andere woorden op “guru-avontuur”,
om een populaire uitdrukking te gebruiken. Eerst was het subtiel.
Zij demonstreerden hun wonderlijke vermogens aan diegenen die niet
het spirituele inzicht hadden om de charade te doorzien. Toen zij
zich met de bevolking vermengden en voortplantten, raakte het DNA
van de afstammelingen steeds meer besmet met hun soort egoïstische
verheerlijking. De mysteriescholen begonnen te devolueren
tot pikordes en de aanbidding van Sirische goden.
De God van het
Oude Testament, Jehovah, was een Siriër van de
zevende dichtheid. Diegenen die de leringen van Jehovah kennen, maar
niet willen accepteren dat Jehovah een egoïstische Siriër
was, zouden de invloed van Jehovah’s aanwezigheid op Aarde
moeten onderzoeken. Zoals al vaak is gezegd door dit medium, is het
Oude Testament één van de bloedigste en meest gewelddadige
boeken ooit geschreven. Zou een hoogontwikkeld, verlicht wezen het
ene ras opzetten tegen het andere? Zou hij blinde gehoorzaamheid
eisen van zijn volgelingen? Zou hij sommigen meer belonen dan anderen?
In God’s universum bestaan geen elites of uitverkorenen. Iedereen
is uitverkoren en geschapen in zuivere liefde en onschuld.
Iedereen is evenveel waard in de ogen van God en die
waarde is oneindig. Bijbelstudenten, Joodse en Christelijke geestelijken
in jullie wereld zouden moeten terugkeren naar de basis en de invloeden
van de oude leringen bestuderen. Verkondigden zij vrede en de ontwikkeling
van bewustzijn, of verkondigden zij scheiding en conflict? Wij, de
Stichters, prediken bijna nooit, maar dit is te belangrijk om voorbij
te laten gaan. Maar we gaan verder. We brengen je terug naar Egypte
tijdens haar verval in aanbidding en offerandes.
Tegelijkertijd
met de invasie van de Siriërs (na 7.500 B.C.),
verschenen de Orioniërs en Draconiërs ten tonele en vond
er een beperkte gemengde voortplanting plaats, wat resulteerde in
de half reptielachtige, half vogelachtige en half menselijke vormen
die later in Egyptische tekeningen zijn afgebeeld. De “vogelmens” was
een hybride Draconisch-Andromedaans ras, het resultaat van “creatief
DNA-ontwerp” en zij probeerden in hun eigen lichamen op Aarde
te landen, met gedeeltelijk succes. Net als de Siriërs gebruikten
zij hun superieure technologie en psychische vermogens
om de onderdanige bewoners van Egypte te onderwerpen.
Je kunt overal in Egypte afbeeldingen van Sirische en Draconisch-Andromedaanse
goden vinden op de wanden van grotten.
De zuiveren van
hart en geest, die zagen dat het experiment opnieuw mislukte,
trokken zich bedroefd terug naar de innerlijke niveaus en een
periode van relatieve duisternis daalde neer over Egypte. De rituele
offerandes, mummies en mysteriescholen van de Farao’s
waren allemaal de manifestatie van Sirische, Orionische, Draconische
en Andromedaanse vervalsing van de oorspronkelijke Pleiadische leringen.
Zouden de leringen van Thoth volledig zijn geïntegreerd door
zijn studenten, dan zouden zij nooit corrumpeerbaar zijn geweest.
De hieruit te leren les zou nu duidelijk moeten zijn. Tenzij je je
ego en hoger bewustzijn volledig hebt geïntegreerd, kun je op
een dwaalspoor worden gebracht door ogenschijnlijk goedbedoelende
leraren die zelf niet hun ego’s met de geest hebben geïntegreerd.
Dit is het einde van deel 9. Wij zijn de Stichters.
Copyright © 2005 Sal Rachele, P.O. Box 815, Snowflake,
AZ 85937 (http://www.salrachele.com)
(928) 537-8616