Leven op Aarde
Deze teksten
zijn geïnspireerd door antwoorden
die wij – mijn man Gerrit en ik – ontvingen
van een geestelijke gids (die zich Jeshua noemt) op
vragen die wij gedurende trance-sessies aan hem voorlegden.
Sessie 1 maart 2003
Graag willen wij de draad oppakken van ons verhaal, dat begon met
de identiteit en herkomst van de Lichtwerkers. In deel I, dat al
op het Net staat, zijn we ingegaan op de galactische geschiedenis
die voorafging aan jullie cyclus van incarnaties op aarde. We hebben
de identiteit van de zielen van de Lichtwerkers in een soort kosmisch
perspectief geplaatst.
Nu willen we ingaan op de bewustzijnsontwikkeling die
jullie hier op aarde hebben doorgemaakt en waarmee jullie nog bezig
zijn. In deel I hebben we deze bewustzijnsontwikkeling al aangeduid
als de overgang van een ego-gecentreerd bewustzijn naar een hart-gedragen
bewustzijn. En we hebben daarin vier fasen onderscheiden.
Bovengenoemde bewustzijnsontwikkeling nam een aanvang
toen jullie in jezelf het verlangen gewaar werden om anders te opereren
dan jullie gewend waren. Jullie waren in de eerder beschreven galactische
strijd steeds bezig met een soort machtsstrijd. Jullie waren daar
letterlijk van vervuld: de strijd gaf doel en betekenis aan jullie
leven.
Winnen, verliezen, strategieën uitdenken, manipulatie, je tegenstander
te slim af zijn…… dat soort aspecten boeiden jullie
lange tijd. In de lijn van deze fascinatie, gebruikten jullie in
het ‘project aarde’, dat op gegeven moment gestalte kreeg,
de mens als een stroman, een instrument voor jullie oorlogszuchtige
intenties. Alle galactische ‘rijken’ deden hieraan mee.
Toen de ontwikkelingen op aarde echter meer hun eigen
dynamiek kregen, geraakten jullie geleidelijk aan terecht in de positie
van toeschouwer. Jullie observeerden wat er zich op aarde voltrok.
Jullie zagen de mens zich ontwikkelen tot iets wat jullie zelf reeds
tot in detail uitontwikkeld hadden. Jullie waren al geraffineerd
in jullie methodes van verovering en (psychische) manipulatie. De
zich ontwikkelende mens, met name het menselijk ego, stond wat dat
betreft nog in de kinderschoenen.
De mens stond aan het begin van de bewustzijnsfase, waarin
het domein van het ego verkend wordt en een ego-gecentreerd bewustzijn
wordt ontwikkeld. Deze fase is een onderdeel van de bewustzijnsevolutie
in ons universum en als zodanig noch goed noch slecht.
Toen jullie (Lichtwerkers) in de toeschouwersrol belandden,
maakten jullie je langzamerhand los van de ego-fase.
Het verwerven van macht en invloed vervulde jullie niet
meer zo, het voldeed niet meer. Er was een leegte ontstaan
in jullie bewustzijn, een verlangen naar iets anders,
een dieper soort bevrediging. In feite zochten jullie
naar een andere, meer bevredigende vorm van creativiteit.
Een vorm van creatief zijn waarbij je niet louter bezig
bent met het “verschuiven van machtsenergie” tussen
de verschillende partijen (waarbij je soms winnaar, soms
verliezer bent).
Er ontstond in jullie een verlangen naar een vorm van
scheppend zijn die het leven respecteert en de levende
wezens op natuurlijke wijze laat groeien en bloeien.
Jullie zagen in dat creëren
met macht destructief is, in de zin dat het steeds ‘het andere’ wil
veroveren en toeëigenen. Macht wil bedwingen en assimileren.
Er kan zo niets nieuws ontstaan. Als je het leven manipuleert en
omvormt naar je eigen beeld en het gebruikt voor je eigen invloed,
dan creëer je steeds meer van hetzelfde.
Machtsvermeerdering is uiteindelijk dodelijk saai.
Jullie zagen dit in en zochten naar nieuwe wegen, naar
een andere manier van omgaan met je omgeving.
Als het ego-bewustzijn aan het eind komt van zijn exploraties,
in de zin dat het alle aspecten van dat bewustzijn vele malen heeft
beleefd, ontstaat er in het zielebewustzijn een verlangen naar werkelijk
scheppend zijn. Scheppend zijn is jullie wezen, en dat blijft
het, in welke fase van ontplooiing jullie je ook bevinden.
Voordat jullie in de egofase terecht kwamen, waren jullie
scheppend op een manier die we later zullen toelichten.
(We zullen dan ook ingaan op Lemurië).
In de egofase waren jullie scheppend op een andere wijze.
Jullie verkenden de mogelijkheid van het ontkennen van jullie
eigen diepste aard. Jullie creëerden daarbij een heel scala
aan emoties. In veel van deze creativiteit zat in wezen
destructiviteit, maar op een bepaalde manier zit in destructiviteit
ook een vorm van creativiteit, of misschien beter gezegd
een vervormde creativiteit.
Aan het einde van de ego-fase herinnerden jullie je oorspronkelijke creativiteit,
jullie goddelijkheid.
In jullie ontstond een verlangen, een herinnering, een
heimwee…
Op dat punt beseften jullie dat, mede als gevolg van
jullie invloeden, de aarde hetzelfde traject ging afleggen als jullie
hadden gedaan in jullie egofase. Dit vervulde jullie met grote schrik,
spijt en schuld. Want juist op Aarde lagen er mogelijkheden voor
een uitbundige groei en bloei van allerlei bewustzijnsvormen. Jullie
voelden dat jullie die ontkiemende vormen min of meer hadden verstikt
in jullie manipulaties.
Hierover heersten in jullie gemoed gevoelens van inkeer
en wroeging. Vanuit die gemoedstoestand besloot een deel van jullie
in het menselijke ras te incarneren. Een deel van jullie incarneerde
op aarde om de structuren van onmacht, die jullie zelf mede hadden
aangebracht, van binnenuit te overwinnen, omver te werpen.
Ziehier hoe de materiële wereld een spiegel vormt
van bewustzijnsontwikkelingen in de ziel. In feite waren
jullie Lichtwerkers begonnen aan een innerlijk bewustwordingsproces,
waarbij jullie jezelf wilden zuiveren van ego-gebaseerde
energie. De aarde vormde een geschikt toneel waarop jullie
deze ontwikkeling konden volvoeren. Datgene waarmee jullie
je uiteen wilden zetten, de energie van machtsexpansie
en ego, kwamen jullie namelijk tegen in jullie eigen
gemanipuleerde creatie: de mens.
De bewustzijnsontwikkeling die jullie met jullie incarnatie
op aarde begonnen, was ten diepste het aangaan van de strijd met
jullie eigen donkere kanten. Ten grondslag aan deze zware beproeving
lag de intentie om verantwoordelijkheid te nemen voor de egogecentreerde
aspecten in jullie zelf en de consequenties daarvan voor het leven
waarop jullie macht hadden uitgeoefend.
Toen (een deel van) jullie naar de aarde kwamen om te
incarneren in mensenlichamen, waren jullie geenszins
vrij van de energieën die jullie wilden overwinnen.
Dit bleek uit het feit dat jullie in eerste instantie
geneigd waren om te vechten tegen
de daar bestaande egostructuren. Jullie wilden die omverwerpen, maar
zonder dat jullie het wisten gingen jullie daarbij vervallen in strijd-
en vechtenergie, een methode van het ego.
Je ziet dus dat jullie je eigenlijk nog onbewust waren
van de werkelijke strekking van een hartgedragen bewustzijn. Dit
bewustzijn is niet een bewustzijn van het Goede dat strijdt tegen
het Kwade. Het is een bewustzijn dat beide werkelijkheden (van Licht
en Donker) ontstijgt. Het is een bewustzijn dat afstand doet van
de idee dat strijd tot oplossingen kan leiden (voor wat dan ook).
Er was in jullie ziel weliswaar een verlangen gegroeid
naar een niet-strijdende manier van omgaan met je omgeving. Er was
een soort leegte in jullie bewustzijn gekomen, een opening naar iets
nieuws. Maar er was nog geen ervaring met het daadwerkelijk leven
van en gestalte geven aan dat nieuwe bewustzijn.
Dus gingen jullie allemaal “fouten” maken (fouten in
de zin van terugvallen in een vorm van bewustzijn die
je wilt verlaten).
Elk wezen dat een spiegel vormde van jullie eigen ego
energie, trachtten jullie te veranderen of te bekeren.
In wezen werd jullie in de ontmoeting met agressieve,
gewelddadige energieën
een spiegel getoond waarin jullie konden waarnemen in welke opzichten
jullie zelf nog gebonden waren aan het egogecentreerde bewustzijn.
Maar in plaats van jezelf te veranderen, probeerden jullie de wereld, ‘de
anderen’, te veranderen.
Heel lang dachten jullie als Lichtwerkers dat jullie
hier waren om ‘de wereld’ te veranderen. Maar pas als
het inzicht ontluikt dat je hier bent om jezelf te transformeren,
kan er daadwerkelijk iets veranderen: in jou, en in de tweede plaats
(als bij-effect) in je omgeving.
Toen jullie hier incarneerden, stonden jullie aan het
begin van een nieuwe bewustzijnsontwikkeling. En de aarde
werd jullie ‘strijdterrein’.
Dat waar jullie mee vochten, het ‘Kwaad’, was in feite
de egogecentreerde energie die nog zo duidelijk in jullie
zelf zat.
Hoewel jullie begrepen dat bevrijding niet kan ontstaan
vanuit het ego, maar alleen vanuit het hart, was jullie
houding t.o.v. het Kwaad gedurende lange tijd één van vechten. Dit
riep uiteraard een tegenreactie op van degenen die de machtsposities
bekleedden op aarde. Lichtwerkers zijn eeuwenlang vervolgd. De ‘gevestigde
orde’, waar de macht en autoriteit berustte, keerde zich vaak
tegen jullie. Jullie hebben dat in jullie ziel ervaren als een niet
welkom zijn in allerlei samenlevingen en gemeenschappen. Lichtwerkers
werden vaak verbannen en leidden een geïsoleerd en eenzaam bestaan.
Dit creëerde in jullie een gevoel van onmacht en op den duur
ook slachtofferschap of martelaarschap.
Toch kun je dit uitgestoten worden zien als de spiegel
van een innerlijk proces: het uitgespuwd worden door je eigen ego-energie.
Jij wordt uitgespuwd door de strijd-energie in jezelf. Je komt namelijk
iets brengen wat voor het ego niet welkom is, nl. vreedzaamheid en
compassie. Het ego keert zich tegen het hart. Het voert een doodstrijd.
Weerspiegeld door: de gevestigde orde keert zich tegen de lichtwerkers.
Het wil de bedreiging elimineren.
Pas wanneer jullie, als Lichtwerkers, de strijd opgeven,
zal de gemeenschap jullie niet meer verstoten. De strijd
opgeven wil zeggen: inzien dat strijd-energie een energie
van het ego is, en het daarom loslaten. Het betekent
ook: het idee van ‘good
and bad guys’ opgeven, het oordeel loslaten.
Jullie hebben heel lang gedacht dat je een gevecht moest
leveren met het ego (in jezelf en in de wereld).
Pas in deze tijd gaan jullie inzien dat het zo niet werkt.
Jullie zijn bezig de werkelijke consequenties van een hartgedragen
bewustzijn op jullie in te laten werken en te doorvoelen.
Dit is een ontzagwekkend gebeuren, dat wereldwijd effecten
zal hebben.
En dat was wat Christus eigenlijk ook wilde vertellen.
Dat het niet gaat om een strijd tussen goed en kwaad. Dat het niet
gaat om een gevecht. Dat het gaat om het vinden van een innerlijk
punt, diep in jezelf, dat niets te maken heeft met goed en kwaad.
Een punt waarin je samenvalt met God, met de goddelijke creatieve
kern die jij bent. Vanuit die kern laat je vanzelf alles wat leeft,
groeit en bloeit, zijn wat het is. Dit is namelijk de natuur van
je goddelijke zelf. Jouw diepste wezen is levengevend.
Het ego is in wezen niet creatief, het is destructief,
maar het maakt wel schijncreaties. De oplossing is niet die te bevechten,
maar een punt in jezelf te zoeken van waaruit het niet nodig is om
schijncreaties te maken.
Dit inzicht, dit Christusbewustzijn, begint nu te ontwaken.
Het heeft lang geduurd voordat jullie tot dat inzicht
zijn gekomen. En nog zijn veel van jullie lichtwerkers
verwikkeld in een “gevecht
met het Kwaad”.
De vele levens die jullie hebben geleid, waarin jullie
werden vervolgd, verstoten en geridiculiseerd hebben hun sporen nagelaten
in jullie ziel. Veel van jullie dragen innerlijke wonden mee, die
diep zijn en tijd nodig hebben om te genezen.
Het is een uitputtingsslag geweest, innerlijk, om vrij
te komen van dat “kwaad in jezelf”, de energieën
van macht, controle en angst, en te begrijpen dat je
die niet overwint door ze te willen vernietigen.
De overgang naar een hartgedragen bewustzijn is een zo
diepe paradigmawisseling, dat het veel tijd (= ervaring) kan kosten
voordat de ware aard ervan tot een menselijk bewustzijn doordringt.
Alle stappen van deze overgang willen wij beschrijven,
in deze reeks channelings, omdat het nog steeds niet duidelijk is
voor jullie wat het eigenlijk betekent: een bewustzijn dat gefundeerd
is in liefde.
Er is zoveel verwarring over liefde. De krachtige kanten
van liefde, de zachte kanten. Wat is kracht zonder agressie? Wat
is zachtheid zonder het gedogen van geweld? Er is veel verwarring
over dit soort vragen in jullie denken. Daar willen we op ingaan.
De crux van een hart gedragen bewustzijn is liefde voor het zelf.
Liefde en herkenning van je eigen goddelijke Zelf. Vanuit de ervaring
van zelfliefde wordt alles duidelijk.
Vanuit de ervaring van je eigen goddelijke aard, hoef
je niet meer zoveel uit te leggen aan het verstand. De
realiteit van een hartgedragen (=liefdes) bewustzijn
hoeft dan niet via het denken en redeneren helemaal ‘uitgespit’ te
worden.
Zoek die ervaring in jezelf, in je eigen hart, en alles
valt op zijn plaats.
Dit is dezelfde ervaring als het geraakt zijn, het bewogen
zijn door de Christusenergie. De energie van Jezus Christus
is de energie van een zelfgerealiseerd mens, van iemand
die zich van zijn eigen goddelijk kern bewust is, van
iemand die vrij is van ‘strijd-energie’.
Velen van jullie, velen van de lichtwerkers, zijn geraakt
door de energie van Jezus, als inspiratiebron. De energie
van Christus is de energie van je eigen toekomstige zelf.
Hierbij willen we het laten vandaag.
© Pamela
Kribbe www.pamela-kribbe.nl